KU Leuven niet geslaagd voor open debat over voedsel

15.02.2017
Landbouwer © Kobe Van Looveren

Vandaag ontvangt de Nederlandse hoogleraar Louise Fresco een eredoctoraat van de KU Leuven. Dat zij en niet (ook) professor Olivier De Schutter een eredoctoraat krijgt, toont dat de KU Leuven vooral gelooft in het industriële model voor landbouw. De stellingname van de KU Leuven vormt volgens BioForum een hinderpaal voor een echt open en kritisch debat over ons voedsel.


Opiniestuk BioForum Vlaanderen

Hoewel Fresco regelmatig de negatieve maatschappelijk impact van het huidige landbouwsysteem aankaart (honger, obesitas, milieu, klimaat), blijft ze het industriële model verdedigen. Ze noemt het zelfs een morele plicht.

Dat de KU Leuven net aan haar een eredoctoraat uitreikt en niet (ook) aan professor Olivier De Schutter, verraadt de visie die de KU Leuven uitdraagt. Het is een visie die ervan uitgaat dat het Noorden de wereld kan en moet voeden en die de voedselsoevereiniteit van het Zuiden negeert. Het is tevens een visie die de voornoemde maatschappelijke impact niet zal keren. Om het met de woorden van Einstein te zeggen: "We cannot solve our problems with the same thinking we used when we created them." De stellingname van de KU Leuven vormt dan ook een hinderpaal voor een echt open en kritisch debat over ons voedsel.


Fresco en De Schutter

Efficiëntie boven ecologisch draagkracht

Fresco komt terecht tot de analyse dat aan de hedendaagse grootschalige voedselproductie een negatieve maatschappelijke impact kleeft. Ze kaartte in het verleden thema’s aan als honger en overgewicht, milieuvervuiling en klimaatimpact. Maar de precaire situatie van landbouwers in onze contreien ontkent ze tot nog toe.

Fresco heeft beduidend meer moeite om degelijke oplossingen aan te bieden. Ze bepleit megastallen en maximalisatie van de plantaardige productie vanuit een louter efficiëntiegedreven motivatie, en verliest daarbij uit het oog dat je op die manier telkens weer de ecologische draagkracht overschrijdt. Bij een hogere opbrengst kan je misschien het totale milieu-effect delen, in absolute termen maak je dan wel gebruik van grote hoeveelheden pesticiden, kunstmest en antibiotica, veelal meer dan wat de lokale bodem en omgeving aankan. Ook de afhankelijkheid van eindige bronnen aardolie en fosfaat van het industriële model schuift ze terzijde.

Fresco ziet Europa als een netto exporteur van voedsel: ‘Europa voedt mee de wereld’. Ze kijkt daarbij naar de financiële handelsbalans. Wanneer we de import en export in volumes in kaart brengen, blijkt echter dat Europa een netto importeur is van primaire landbouwproducten, waarvan een groot aandeel granen voor veevoer. Het is, met andere woorden, de wereld die het Europese vee voedt. Overigens, een positieve financiële handelsbalans geeft niet aan wie met de winst gaat lopen. Het is in elk geval niet de boer. In Europa wordt een steeds groter deel van de boeren langzamerhand lijfeigene van het systeem.

Scheve situatie

Fresco geeft in haar visie voor een nieuw Gemeenschappelijk Landbouw Beleid (Towards a Common Agricultural and Food Policy, WUR, 2016, Fresco & Krijn) tegelijkertijd zelf aan dat Europa de eigen en wereldwijde middenklasse voedt, en dus niet de 2,8 miljard hongerigen en ondervoeden wereldwijd. Ze stelt dat de import (van veevoer en tropisch fruit) naar Europa vanuit regio’s in Zuid-Amerika, Azië en Afrika deze regio’s helpt om zich te ontwikkelen. Voor wat Zuid-Amerika betreft heeft de grootschalige veevoerproductie misschien wel geleid tot een positieve handelsbalans, maar vooral tot verregaande milieuschade en gezondheidsrisico’s voor de lokale bevolking. Was dat niet wat Fresco aankloeg in haar analyse?

Wat te denken van de voedseloverschotten die Europese landen en de Verenigde Staten op de Afrikaanse markt dumpen, terwijl ze hun eigen boeren zwaar subsidiëren?

Wat te denken van de voedseloverschotten die Europese landen en de Verenigde Staten op de Afrikaanse markt dumpen, terwijl ze hun eigen boeren zwaar subsidiëren?

Fresco stelt dat Europa bovendien waardevolle zaden en inputs exporteert, samen met Europese kennis. Dat die handel enkele grote bedrijven ten goede komt, daar willen we niet aan twijfelen. Maar helpt het ook de Afrikaanse boer en bevolking vooruit? Wat te denken van de voedseloverschotten die Europese landen en de Verenigde Staten op de Afrikaanse markt dumpen, terwijl ze hun eigen boeren zwaar subsidiëren? Het houdt de Afrikaanse boer gevangen in een spiraal van armoede en honger.

Duurzame landbouw aan de kant

Fresco kiest voor een verder doorgedreven industriële landbouw, die mits het toepassen van enkele technologische end-of-pipe oplossingen, haar blazoen oppoetst. Kleinschalige, ecologische initiatieven bewijzen slechts nut als uitingen van cultuur en identiteit, aldus Fresco. Intussen heeft het industriële model tijdens de afgelopen decennia niet alleen het aantal mensen met honger niet substantieel verminderd, maar heeft het bovendien zo’n 1,9 miljard mensen met overgewicht gecreëerd. Anders gezegd: het industriële model slaagt er niet in de wereld volwaardig en duurzaam te voeden.

Dat de KU Leuven vandaag een eredoctoraat aan Fresco uitreikt, spreekt boekdelen over de visie die deze universiteit uitdraagt. Onder het mom van een open debat pleit de KU Leuven vooral voor business as usual en schuift ze innovatieve, echt duurzame landbouwsystemen aan de kant. Wie niet volgt, wordt als 'sloganesk', 'achterhaald' of 'emotioneel' bestempeld. Wat resteert zijn de productivisten, voor de grote meerderheid diegene die op 16 februari tijdens de studiedag aan het woord zullen zijn.

Willen we het hebben over de financiële agrohandelsbalans van Europa? Of willen we er oprecht voor zorgen dat de lokale bevolking wereldwijd zichzelf van voedsel kan voorzien?

Waar blijft breed debat?

Het valt te betreuren dat de KU Leuven een vooringenomen positie inneemt en haar positie en autoriteit niet gebruikt om een zeer relevant debat breed te faciliteren. In een breed debat hoort het agro-ecologische model een duidelijke stem te krijgen. Olivier De Schutter, acht jaar lang bijzonder rapporteur voor voedselzekerheid van de VN, pleit met IPES Food, een internationaal panel van experts in duurzame voedselsystemen, voor een agro-ecologische omwenteling. Deze experts bouwen voort op Agriculture at a Crossroads van IAASTD, een rapport dat al in 2008 na 4 jaar onderzoek door meer dan 400 wetenschappers pleitte voor een agro-ecologische omwenteling in de landbouw en het bijhorende onderzoek.

Willen we het hebben over de financiële agrohandelsbalans van Europa? Of willen we er oprecht voor zorgen dat de lokale bevolking wereldwijd zichzelf van voedsel kan voorzien? Mensen overal ter wereld voeden, realiseren we niet door hier in het Noorden meer te produceren of door onze zaden, pesticiden en kunstmest te exporteren. Wel door een lokale productie te realiseren die zowel voedsel als inkomen genereert, zonder de bodem en het milieu te belasten. De ervaring van de lokale boer, de lokaal aangepaste zaden en rassen, agro-ecologische technieken om de bodemvruchtbaarheid te verhogen, zijn daarbij onontbeerlijk.

5 redenen om bio te kiezen

Lekker puur

Groenten uit volle grond, dieren die vrij naar buiten kunnen, brood dat de tijd krijgt om te rijzen. Biologische producten zijn puur en vol van smaak. Ze bekoren door hun kwaliteit en authenticiteit. Dat proef je!

Gezond genieten

Biologische producten zijn de vrucht van een zorgvuldig proces dat start bij een vruchtbare bodem of een gezond dier. Bij de verwerking van biovoeding zijn enkel een beperkt aantal natuurlijke additieven en toepassingen toegelaten. Zo leidt bio tot producten met een zuivere samenstelling en hoge voedingswaarde.

Goed voor het milieu

Met vruchtwisseling, natuurlijke bemesting en biologische bestrijding zorgt de bioboer voor een veerkrachtig ecosysteem dat ons allemaal ten goede komt: proper grondwater, bescherming tegen overstroming, tegengaan van klimaatverandering, natuurlijke beheersing van plagen… Bio gebruikt geen kunstmest, chemische pesticiden of ggo’s.

Vriendelijk voor dieren

Biologische dieren eten voedzaam biologisch voer en krijgen de tijd om te groeien in een ruime zonverlichte stal waar ze vrij naar buiten kunnen. Een biologische veeteler kiest zijn rassen zorgvuldig om het gebruik van geneesmiddelen maximaal te beperken. De dieren - en consumenten - varen er wel bij.

100% toekomst

Een agro-ecologische aanpak biedt ons de beste garantie om de wereld te voeden, zonder de draagkracht van de aarde te overschrijden. Wie bio kiest, streeft naar een toekomst met tevreden boeren, rijke oogsten en gezonde mensen. Vandaag en morgen, voor iedereen.