Bloemen

Pauline Verhaest Blommm Boeket 2
Foto: Pauline Verhaest, Blommm

Iedereen wordt gelukkig van mooie bloemen. We schenken een bloemetje als teken van liefde, medeleven, om iemand te feliciteren… Maar ken jij het verhaal achter het boeket dat je krijgt of cadeau doet? Biologische bloemen worden geteeld in de volle grond zonder chemisch-synthetische bestrijding of kunstmest. Het zijn sterke en gezonde bloemen die tijd en ruimte krijgen om volgens het seizoen te groeien. Jij en onze planeet hebben er deugd van. Benieuwd naar hoe een biologische bloementeler te werk gaat? Wij nemen je mee van veld tot vaas!


Bloemen komen in eindeloze variaties en kleurencombinaties die je in verwondering doen stilstaan bij wat de natuur allemaal kan produceren. Wil je bloemen kopen, kies dan resoluut voor biologisch. Je doet er mensen, natuur en ook bijen plezier mee. Maar hoe herken je een biologische bos bloemen? Het zit vanbinnen, weet je wel.

Wie kiest voor biobloemen, weet dat hij lokale bloemen van het seizoen koopt. Het biologische bloemenseizoen start in de lente met geurende paasbloemen en kleurrijke tulpen en het eindigt in de herfst met de pracht van de laatste dahlia’s. Je vindt dus geen biologische tulpen in januari of biologische rozen het hele jaar door. Verse lokale biobloemen bloeien van maart tot eind oktober, of zolang het weer dit toelaat.

Waar koop je biobloemen? Hoe herken je ze?

De laatste jaren neemt het aanbod biologische bloemen toe. Je kan een plukabonnement kopen bij een CSA of een bloemenplukweide waarbij je vooraf een aantal boeketten betaalt en dan zelf kan gaan plukken. Je kan een los boeket kopen bij verschillende bioboerderijen, sommige bloemisten, biologische voedingswinkels en -afhaalpunten of je kan zelfs een boeket online bestellen en aan huis laten leveren. Vaak gebeurt het transport dan ecologisch met de fiets.

Heel wat floristen gebruiken termen als duurzame, ecologische, fairtrade of zelfs biobloemen, maar in de praktijk blijkt dat niet altijd een claim die onderbouwd kan worden. Vraag dus zeker naar de herkomst! Wil je zeker biobloemen kopen? Bio is, net als ecologisch, een wettelijk beschermd begrip. Je herkent biologisch geteelde bloemen dus aan het Europese biolabel. Bloemisten kunnen een boeket ook biologisch laten certificeren wanneer het 100% biologisch is. Eerlijkheidshalve moeten we er wel aan toevoegen dat het aanbod boeketten met 100% biologische bloemen bij bloemisten nog in de kinderschoenen staat. 

De lijst van biologische verkooppunten met biobloemen vind je in onze databank www.biopunten.be

Hoe herken ik bio?

Hoe werkt een biobloementeler?

In volle grond

De teelt van biologische snijbloemen begint, net als bij groenten, bij een gezonde veerkrachtige bodem. De biologische bloementeler voedt de bodem met compost of dierlijke mest en niet met kunstmest. Biobloemen zijn gezond en sterk, omdat ze tijd en ruimte krijgen om buiten in weer en wind te groeien in de volle grond. Een plant die in de volle grond groeit, maakt van nature afweerstoffen aan tegen plagen en ziekten. 

Soms maakt de Vlaamse biobloementeler ook gebruik van een ‘koude’ serre; in de lente kan hij zijn seizoen op die manier wat vroeger laten starten met typische voorjaarbloeiers als ranonkels of hij kan het in de herfst wat later laten doorlopen. De vorstgevoelige soorten worden hierin enigszins beschermd tegen slechte weersomstandigheden.

De teelt van lokale, seizoensgebonden biobloemen verbruikt dus vele malen minder energie dan de teelt van gangbare bloemen in verwarmde serres en van ingevlogen bloemen.

> In de gangbare sierteelt gaat het vaak  anders: diverse gangbare snijbloemen als roos, gerbera, anjer,.. worden intensief geteeld op substraat (steenwol, kokos,..) in verwarmde serres. Water en meststoffen worden met behulp van druppelaars toegediend (en gerecycleerd). Om het hele jaar door dezelfde kwaliteit te kunnen leveren wordt er vaak gebruik gemaakt van extra belichting.

> Plantages van snijbloemen verhuizen door de lage arbeidskost en het gunstige klimaat steeds vaker naar landen als Kenia, Columbia en Ecuador. De bloemen die geteeld worden in het Zuiden worden dagelijks overgevlogen naar Europa.

> Gangbare tulpen worden bijvoorbeeld voor het overgrote deel geteeld op water (hydrocultuur). Een kleiner deel bloeit in potgrond in de serres. 

Wat met onkruid? 

Om het onkruid te beheersen moet er manueel of machinaal geschoffeld worden: een bioboer mag geen enkel chemisch-synthetisch onkruidmiddel gebruiken. Door de bodem te bedekken kan de bioboer het onkruid afremmen. Op de paden tussen de bloemen gebruikt hij als mulchlaag bijvoorbeeld boomschors of houtsnippers. Op de bedden gebruikt hij soms stro. Vaak wordt Facelia, herkenbaar aan zijn mooie blauwpaarse bloemen, ingezaaid als bodembedekker. In de winter vriest dat gewas kapot, het achterblijvend stro gaat onkruidgroei tegen. Facelia is ook een aantrekkelijke plant voor de bijen en is een goede groenbemester.

20190429 Biobloemen Weetjes

Afrekenen met ziektes en plagen

Een biobloementeler gebruikt geen chemisch-synthetische bestrijdingsmiddelen, maar zet in op preventieve maatregelen. Om de bloemen te beschermen tegen ziekten en plagen, zal hij deze in de eerste plaats voorkomen door te zorgen voor zo goed mogelijke teeltomstandigheden. Hij zorgt onder andere voor een goede bodemstructuur, voor voldoende irrigatie en verluchting. Hij kiest sterke bloemsoorten die ziekteresistent zijn en past een ruime vruchtwisseling toe.

Op een biologisch bloemenveld vind je gedurende het hele seizoen doorgaans wel 30 tot zelfs 60 verschillende bloemsoorten: een mengeling van bollen, vaste planten, snijgroen, kruiden, eenjarige en meerjarige gewassen. De eenjarigen worden elk jaar op een ander perceel uitgeplant: dat heet vruchtwisseling of teeltrotatie. Het zorgt ervoor dat de bodem niet uitgeput of besmet geraakt door telkens dezelfde teelten te dragen.

De bloementeler plant wilde bloemenranden, hagen, heggen en houtkanten aan, een bron van diversiteit die nuttige insecten huisvest. Zo worden spinnen, lieveheersbeestjes, roofmijten, gaasvliegen en, sluipwespen aangetrokken, die fungeren als natuurlijke plaagbestrijders tegen schadelijke insecten als spint, rupsen, roestmijt, witte vlieg, bladluis, ... Bovendien wordt er zo ook gezorgd voor  beschutting en voedsel voor akkervogels, die schadelijke larven van muggen en slakken opeten.

Pas in laatste instantie, wanneer de preventieve aanpak onvoldoende blijkt, kan de biologische bloementeler voor het bestrijden van sommige ziekten en plagen, gebruik maken van een zeer beperkt aantal biologische bestrijdingsmiddelen.

Voor elke plaag zoekt de bloementeler een gepaste remedie. Enkele voorbeelden: 

  • Meeldauw, een schimmel die witte poederachtige vlekken geeft, is op sommige bloemsoorten onvermijdelijk. Wanneer er in de herfst flink geoogst is raken de bloemen wat meer uitgeput en zijn ze kwetsbaarder. De biobloementeler kan die planten preventief besproeien met een oplossing van biologische melk en dat werkt goed.
  • Bladluizen zijn een vaak voorkomende plaag; die worden bestreden door bijvoorbeeld lieveheersbeestjes of sluipwespen in te zetten, maar ook brandnetelgier of geurende kruiden als look en alsem kunnen soelaas bieden.

Bloemen eet je toch niet op, waarom moeten die dan bio zijn?

Het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid van België toont aan dat een klassiek boeket gemiddeld tien verschillende soorten pesticideresidu’s bevat. Bij rozen ligt dat aantal zelfs nog hoger! Bloemen zijn geen voedingswaar en er gelden ten opzichte van onze voeding dus minder strenge Europese normen met betrekking tot het gebruik van pesticiden. Bij de teelt van bloemen in niet-Europese landen worden vaak aanzienlijke hoeveelheden pesticiden gebruikt; veel van die chemische middelen zijn bij ons zelfs verboden. Zo breng je met een boeket bloemen onbewust een cocktail van pesticiden in huis. 

> Ongeveer 80% van alle rozen die in Europa worden verkocht, is ingevoerd uit Afrika, en dan voornamelijk uit Kenia. Pesticiden die in Europa al lang verboden zijn, zoals DDT en methylbromide, worden er nog steeds gebruikt. De vrouwelijke arbeidsters worden nauwelijks opgeleid om chemische middelen correct te gebruiken en de gezondheidsklachten zijn dan ook legio. De arbeidsomstandigheden zijn vaak verre van gunstig, de minimumlonen niet toereikend. De ecologische impact van de teelt van een niet-eetbaar luxeproduct dat water verslindt in een land met waterschaarste is enorm! We raden de meermaals bekroonde documentaire ‘Blooming Business’ aan voor wie zich hierin wil verdiepen.

> Wie eerlijke rozen verkiest, kan lokale, biologisch geteelde rozen of fairtrade rozen uit de eerlijke handel kopen. Bij fairtrade is er wel al aandacht voor het verminderen van het effect van de pesticiden op de arbeiders en de leefomgeving, maar de teelt is niet biologisch en dus worden er wel nog chemisch-synthetische middelen gebruikt.

Bron: Velt en FairtradeBelgium

Kwaliteit oogsten

Kwaliteit oogsten is een vak apart. De biologische bloementeler weet precies in welk stadium elke soort van bloem plukrijp is. Hij oogst drie à vier keer per week. De bloemen mogen nog geen bestuiving hebben gekregen, want dat vermindert de houdbaarheid aanzienlijk. Een bioboer ziet dat aan de meeldraadjes. Bloemen die toch al wat bestoven zijn, laat hij gewoon staan zodat ze in bloei komen. Veel nuttige insecten als bijen, hommels en vlinders hebben stuifmeel en nectar nodig. Zij mogen zich aan de ongeoogste bloemen tegoed doen.

De beste tijd om bloemen te oogsten is vroeg in de ochtend of ’s avonds als het wat is afgekoeld. Wanneer de dauw ’s morgens juist is opgedroogd, hebben de bloemen heel de nacht kunnen drinken en zit er nog veel water in hun steel. Wanneer het ’s avonds wat is afgekoeld, hebben de bloemen onder invloed van het zonlicht een hele dag suikers aangemaakt, en die verbeteren dan weer de houdbaarheid.

Bewaring

Meteen na de oogst worden de biobloemen gekoeld en in vers water bewaard. Tussen 0 en 5°C is voor de meeste biobloemen een ideale temperatuur, want dan verbruiken ze minder suikers (voeding) en zijn ze minder gevoelig voor ethyleenschade. Dat is een gas dat bladvergeling, bladval en verwelking kan veroorzaken. Fruit en groenten zoals tomaten, peren, appels en bananen produceren veel ethyleen. Het is dan ook aangewezen om je boeket niet in de buurt van je fruitmand te plaatsen, omdat dit de levensduur van de bloemen kan verkorten.

Een biologisch boeket is afhankelijk van de soort bloemen één week tot tien dagen houdbaar. In een klassiek boeket vind je vaak een zakje ‘snijbloemenvoedsel’; naast suikers bevat dit ‘voedsel’ ook altijd een bacterieremmend middel dat biologische telers liever niet op hun bloemen gebruiken. De biosector is daarom nog op zoek naar milieuvriendelijkere alternatieven. Na de oogst worden de bloemen handmatig uitgeschud om de boeketten insectenvrij te maken.

> Gangbare snijbloemen worden onmiddellijk na de oogst op water met een chemisch voorbehandelingsmiddel geplaatst. Dit voorkomt vaatverstopping, bladvergeling en vroegtijdige verwelking. 

Vriendelijk voor bijen

Een Brits onderzoek wijst uit dat veel nectar- en pollenrijke niet-biologische planten die als ‘bijvriendelijk’ verkocht worden te hoge concentraties aan potentieel schadelijke pesticiden bevatten. Bijen hebben behoefte aan een grote bloemendiversiteit. Daarom koop je best biologisch zaadgoed van bloemen, die gegarandeerd zonder chemische bestrijding zijn opgekweekt. In België is er helaas nog geen aanbod aan biologische tuin-en sierplanten. Vraag ernaar in je tuincentrum zodat hun aanbod biologische tuinplanten zich de komende jaren kan ontwikkelen.

Biobloemenkalender

Hoe korter de weg van veld tot bloem, hoe langer je zal kunnen genieten van je boeket. Koop je bloemen dus vers en lokaal. Op de biobloemen-kalender kan je zien wanneer je best welke bloemen koopt. Let op het bloeistadium van de bloemen.

  • Maart en april: anemoon, magnolia, seringen, sneeuwbal, tulpen, wolfsmelk...
  • Mei: Afrikaantje, akelei, aster, Chinese bieslook, groot akkerscherm, grote klaproos, Hollandse boliris, margriet, nagelkruid, pioen, prairielelie, reuzenanjer, ranonkel, vingerhoedskruid, vrouwenmantel, weduwebloem...
  • Juni: bonte salie, brokaatbloem, Campanula, cosmea, dille, duizendblad, duizendschoon, driekleurige winde, dropplant, gipskruid, goudsbloem, duizendschoon, grootbloemige lavatera, grote pimpernel, grote wasbloem, Juffertje-in-het-groen, kaasjeskruid, kleinbloemige zinnia, klokjesbloem, kogeldistel, kruisdistel, korenbloem, montbretia, papavers, pluimspirea, moederkruid, monnikskap, reukerwt, ridderspoor (eenjarig en Chinees), saffloer, sierui, schermbloem, scharlei, slangekop, valkruid, vlambloem, wilde peen, Zeeuws knoopje... 
  • Juli: bonte ganzebloem, dahliabloemige zinnia, donsbloem, duizendknoop, ijzerhard, kattestaart, kattesnor, korenbloemen, leeuwenbek, gladiool, meisjesogen, reukerwten, rode zonnehoed, rozen, strobloem, anjers en ridderspoor zomerazalea, zonnebloem, zonnehoed, zomeraster...
  • Augustus: dahlia, dahliabloemige zinnia, fijn akkerscherm, gladiolen, grote leeuwenbek, guldenroede, ijzerhard, Japanse anemoon, , zonnebloem...
  • September: dahlia, dahliabloemige zinnia, herfstanemonen, gladiolen...
  • Oktober: asters, cosmea, duifkruid, gele ganzebloem, Mexicaantje, wolfsmelk...

Vanaf november tot half maart groeien er geen verse biologische bloemen, maar dan werken veel biologische bloementelers en bloemisten met wintergroen en gedroogde boeketten. Wil je zelf bloemen uit de tuin drogen? Dat kan door ze meteen na het oogsten omgekeerd omhoog te hangen op een donkere, luchtige plaats. 

Tips voor een boeket dat lang mooi blijft

Deze vijf tips helpen je om je biologisch boeket op een natuurlijke manier te verzorgen zodat je er zo lang mogelijk van kan genieten: 

  • Kies lokale bloemen die zo vers mogelijk zijn. 
  • Voorkom beschadiging aan de bloemen tijdens het transport.
  • Snij de stengels zo snel mogelijk schuin af met een scherp mes. Duw de stengel niet plat. Verwijder overtollige bladeren. Bladeren in contact met water zullen rotten en het water vervuilen.
  • Plaats de bloemen direct na afsnijden in een propere vaas. Zorg dat de bloemstelen genoeg ruimte hebben. Zorg steeds voor vers en proper leidingwater: vul de vaas elke dag bij of ververs het water indien nodig en verwijder uitgebloeide bloemen. Snij de stengels eventueel bij indien ze beginnen te rotten.
  • Plaats de vaas op een niet te warme plaats met voldoende luchtvochtigheid en vermijd tocht. Zorg dat de bloemen niet in de buurt van fruit of groenten staan; deze produceren ethyleen, wat de levensduur van de bloemen kan verkorten.

Enkele weetjes over biobloemen

  • Omdat ze niet in aanraking kwamen met chemische pesticiden, zijn de eetbare biologische bloemensoorten ook bijzonder geliefd bij veel chefs en kookliefhebbers. Verschillende bioboeren telen dus kruiden en eetbare bloemen voor restaurants.
  • De sector van biologische bloemen blijft kleinschalig, maar is wel in opmars in Vlaanderen: in 2019 telt BioForum 24 biologische bloementelers (waarvan vier in omschakeling), tegenover 14 biobedrijven in 2017. Cijfers vind je in het jaarrapport van de biolandbouw.  
  • Fairtradebloemen zijn meestal niet biologisch. De criteria voor biologische productie van bloemen zijn veel strenger op milieuvlak maar leggen in principe geen eisen vast op sociaal vlak. Toch garandeert het biolabel in de praktijk meestal een eerlijke prijs, want biobloemen die in Vlaanderen verkocht worden zijn afkomstig van Vlaamse of Nederlandse bloementelers.

Kook een recept met bloemen

Lorem ipsum

5 redenen om bio te kiezen

Lekker puur

Groenten uit volle grond, dieren die vrij naar buiten kunnen, brood dat de tijd krijgt om te rijzen. Biologische producten zijn puur en vol van smaak. Ze bekoren door hun kwaliteit en authenticiteit. Dat proef je!

Gezond genieten

Biologische producten zijn de vrucht van een zorgvuldig proces dat start bij een vruchtbare bodem of een gezond dier. Bij de verwerking van biovoeding zijn enkel een beperkt aantal additieven en toepassingen toegelaten. Zo leidt bio tot producten met een zuivere samenstelling en hoge voedingswaarde.

Goed voor het milieu

Met vruchtwisseling, natuurlijke bemesting en biologische bestrijding zorgt de bioboer voor een veerkrachtig ecosysteem dat ons allemaal ten goede komt: proper grondwater, bescherming tegen overstroming, tegengaan van klimaatverandering, natuurlijke beheersing van plagen… Bio gebruikt geen kunstmest, geen gewasbescherming van chemisch-synthetische oorsprong en geen ggo’s.

Vriendelijk voor dieren

Biologische dieren eten voedzaam biologisch voer en krijgen de tijd om te groeien in een ruime zonverlichte stal waar ze vrij naar buiten kunnen. Een biologische veeteler kiest zijn rassen zorgvuldig om het gebruik van geneesmiddelen maximaal te beperken. De dieren - en consumenten - varen er wel bij.

100% toekomst

Een agro-ecologische aanpak biedt ons de beste garantie om de wereld te voeden, zonder de draagkracht van de aarde te overschrijden. Wie bio kiest, streeft naar een toekomst met tevreden boeren, rijke oogsten en gezonde mensen. Vandaag en morgen, voor iedereen.